De impact van klimaatverandering
op financiële instellingen

Dat de opwarming van de aarde catastrofale gevolgen heeft, mag al geruime tijd geen verrassing meer heten. Een veel recentere ontwikkeling, daarentegen, is het groeiende besef dat de klimaatverandering ook van grote invloed is op de financiële sector. De Bank of England (BoE) is zelfs van mening dat klimaatverandering de ‘tragedie van de toekomst’ is en stelt dat, tegen de tijd dat het duidelijk wordt dat klimaatverandering ongewilde risico’s met zich meebrengt, het mogelijk al te laat is om in te grijpen. Dit artikel geeft een samenvatting van de verschillende financiële risico’s als gevolg van klimaatverandering, verscheidende initiatieven binnen de financiële sector met betrekking tot de verschuiving naar een groenere en koolstofarme economie, en een vooruitblik.

In het in december 2015 in Parijs afgesloten Klimaatakkoord zijn strenge maatregelen getroffen om verdere opwarming van de aarde tegen te gaan. Door het tekenen van het Klimaatakkoord hebben overheden van over de hele wereld zich gecommitteerd aan het streven naar een duurzamere planeet en economie. Als er geen actie wordt ondernomen en de uitstoot van broeikassen niet vermindert zal, zo blijkt uit onderzoek, tegen het einde van deze eeuw de temperatuur met 3°C tot 5°C hoger zijn. Klimaatveranderingen zijn van invloed op de beschikbaarheid van grondstoffen, het aanbod en de vraag naar producten en diensten, en de rendementen van fysieke activa. In zeven van de afgelopen tien jaren overstegen wereldwijde economische kosten als gevolg van natuurrampen het 30-jaars gemiddelde van USD 140 miljard per jaar. Extreme weersomstandigheden hebben een negatief effect op de gezondheid en tasten de infrastructuur en privé-eigendommen aan, met een daling in welvaart en productiviteit als gevolg. Volgens Frank Elderson, directielid van de DNB, kan dit leiden tot schaarste, een verstoring van de economische activiteit en handel en een kapitaalverschuiving van productieve doeleinden naar wederopbouw en vervanging.


Toenemende zorgen over klimaatverandering hebben geleid tot een verandering in de perceptie van het klimaatrisico door bedrijven en beleggers. Terwijl de analyse van klimaat-gerelateerde kwesties in het verleden beperkt was tot sectoren die direct verband houden met fossiele brandstoffen en de uitstoot van koolstofdioxide, wordt momenteel erkend dat klimaat-gerelateerde risico’s betrekking hebben op alle sectoren, inclusief de financiële dienstverlening. Met name banken zijn kwetsbaar voor klimaat-gerelateerde risico’s, omdat ze door het verstrekken van leningen verbonden zijn met alle marktsectoren.

Financiële risico's

De BoE stelt dat financiële risico’s als gevolg van klimaatverandering neerkomen op twee primaire risicofactoren:

  • Fysieke risico's. De eerste risicofactor betreft fysieke risico’s die veroorzaakt worden door klimaat- en weer-gerelateerde gebeurtenissen, zoals droogte en een stijging van de zeespiegel. Fysieke risico’s kunnen leiden tot schade aan eigendommen, land en infrastructuur met grote financiële verliezen, waardeverminderingen van activa en een afname van de kredietwaardigheid van kredietnemers tot gevolg. Ter illustratie, Nederlandse financiële instellingen hebben voor miljarden euro’s geïnvesteerd in bedrijven die actief zijn in gebieden met waterschaarste (EUR 97 miljard in januari 2019). Deze financiële instellingen kunnen in de problemen komen wanneer de waterschaarste omslaat in een watertekort. Een ander gevolg van extreme klimaat- en weersomstandigheden is de toename van schadeclaims: in 2017 heeft de verzekeringssector in de VS als gevolg van natuurrampen bijna drie keer meer dan het jaarlijkse gemiddelde van USD 49 miljard uitgekeerd.


  • Overgangsrisico's. De tweede risicofactor betreft overgangsrisico’s als gevolg van de transitie naar een koolstofarme economie. Herwaarderingen van activa vanwege veranderingen in beleid, technologie en sentiment kan markten destabiliseren, financiële omstandigheden verslechteren en leiden tot procycliciteit van verliezen. De impact van de transitie is niet beperkt tot de energiesector: ook de transport-, landbouw-, onroerend goed- en infrastructuursector worden beïnvloed. Een voorbeeld van een overgangsrisico is een lager financieel rendement op aandelen van energiebedrijven wanneer de transitie de waarde van olievoorraden ondermijnt. Een ander voorbeeld is een waardevermindering van onroerend goed als gevolg van striktere duurzaamheidseisen.

Deze twee klimaat-gerelateerde risicofactoren verhogen het kredietrisico, marktrisico en operationeel risico en leiden, als gevolg van hun onderscheidende elementen van andere risicofactoren, tot unieke uitdagingen. Ten eerste kunnen financiële risico’s van fysieke en overgangsrisicofactoren verder reiken (in zowel breedte als omvang) dan veel andere soorten risicotypes, omdat ze relevant zijn voor vrijwel alle bedrijfsonderdelen, sectoren en regio’s. Daarnaast is de mate van diversificatie beperkt. Ten tweede is de timing van wanneer financiële risico’s tot uiting komen onzeker en bestaat de mogelijkheid dat de risico-impact buiten de horizon van de huidige businessplanning valt. Ten derde bestaat er, ondanks de onzekerheid over de precieze impact van klimaatverandering, geen twijfel dat combinaties van fysieke en overgangsrisicofactoren tot financieel risico leiden. Tot slot is de omvang van de toekomstige impact grotendeels afhankelijk van acties op de korte termijn.

Initiatieven

Ondanks dat de hoofdverantwoordelijkheid voor het waarborgen van het succes van het Klimaatakkoord en het beperken van de klimaatverandering bij overheden ligt, erkennen veel partijen dat ook centrale banken en toezichthouders hun verantwoordelijkheid moeten nemen. Klimaatverandering en de inherente financiële risico’s krijgen hierdoor steeds meer aandacht, wat blijkt uit de verscheidene recente initiatieven met betrekking tot dit onderwerp.

Banken en toezichthouders

Het netwerk van centrale banken en toezichthouders voor vergroening van het financiële system (NGFS) is een internationale samenwerking tussen centrale banken en toezichthouders. Het NGFS streeft ernaar de inspanningen van de financiële sector om de klimaatdoelen van het Klimaatakkoord te halen te vergroten, bijvoorbeeld door kapitaal aan te trekken voor groene en koolstofdioxide-arme investeringen. Daarnaast brengt het NGFS in kaart wat er nodig is voor klimaatrisicomanagement. DNB was, samen met centrale banken en toezichthouders van China, Duitsland, Frankrijk, Mexico, Singapore, het Verenigd Koninkrijk en Zweden, vanaf het begin – in 2017 – betrokken bij het NGFS. Intussen maken ook de ECB, EBA, EIB en EIOPA deel uit van het netwerk. In het eerste voortgangsrapport van oktober 2018 erkende het NGFS dat toezichthouders en centrale banken hun inspanningen om de omvang van klimaat- en milieurisico’s te begrijpen en in te schatten, vergroot hebben. Desondanks merkten ze op dat er nog een lange weg te gaan is

In het eerste uitgebreide rapport van april 2019 stelde het NGFS zes aanbevelingen op voor centrale banken, toezichthouders, beleidsmakers en financiële instellingen. Deze aanbevelingen weerspiegelen ‘best practices’ ter ondersteuning van het Klimaatakkoord.

Meer informatie

Op onze website kunt u het volledige artikel lezen. Als u liever een pdf van dit artikel ontvangt, neem dan contact op met Petra van Meel of Sjoerd Blijlevens.